Column van Anne Jongmans in Vakblad Sociaal Werk

— Anne Jongmans

Ik ben dol op spelletjes spelen; thuis met de kinderen, als teambuilding met mijn collega’s in een escaperoom, maar ook tijdens de gesprekken met mijn cliënten.

Mens erger je niet

Het is soms hard werken om in contact met een cliënt niet geprikkeld te raken en the game samen tot een goed einde te brengen. Zo bracht iemand uit mijn team een aanmelding in van een stel dat al meerdere keren door hele ervaren en kundige collega’s begeleid was. Twee keer eerder was geprobeerd een traject bij schuldhulpverlening te starten, maar door het niet nakomen van afspraken en het opvliegende karakter van betrokkene – er vloog wel eens een stoel door de kamer – werd het contact vroegtijdig beëindigd.

Nu hadden ze opnieuw aangeklopt bij de gemeente voor hulp bij hun schulden. Schuldhulpverlening had echter de voorwaarde gesteld om begeleiding van het maatschappelijk werk te starten. Je zult begrijpen dat dit niet de meest aantrekkelijke casussen zijn om te verdelen. Ik besloot de uitdaging aan te gaan.

Vanaf het moment dat de cliënten mijn naam hadden doorgekregen, werd ik meerdere keren per dag gebeld, kreeg ik lange mails en werd mijn voicemail minutenlang ingesproken. Het was duidelijk, deze mensen wilden erg graag werken aan hun problemen, maar als het niet naar tevredenheid zou verlopen, kon ik een klacht tegemoet zien. Ik gunde mezelf een moment van overdenking.

"De vrouw vroeg aan mij waarom ik niet boos op hen werd en ze niet aansprak op hun gedrag."

Ik constateerde dat de enige manier om dit vol te houden, was dat ik vooral mezelf niet zou gaan ergeren aan deze mensen. Ik legde mezelf op om, wat deze mensen ook deden, niet boos te worden. Alles wat ik zou bereiken, was meegenomen. In gesprekken die volgden, werd ik niet boos. Er viel geen onvertogen woord. Ook al kwamen ze soms een half uur te laat. Ik ontving ze met open armen: ‘Wat fijn dat jullie er weer zijn.’

In het derde gesprek vroeg de vrouw aan mij waarom ik niet boos op hen werd en ze niet aansprak op hun gedrag. Ze hielden zich immers niet aan de afspraken. Mijn enige antwoord was, dat ik ze graag wilde helpen en we met boosheid niet verder kwamen. Ze mochten mij als oefenmateriaal gebruiken om zo samen een oplossing te vinden voor de schulden.

Vanaf dat moment veranderde er iets in het contact. Ze kwamen op tijd, belden netjes af als ze niet konden komen en als ik op huisbezoek kwam, werd er een chique theedoos tevoorschijn gehaald die alleen bedoeld was voor bijzondere momenten. Ik vergezelde ze bij alle afspraken bij schuldhulpverlening, om zo samen rustig te verwoorden wat hun wensen waren, maar ook later nog eens rustig te kunnen uitleggen aan welke eisen ze moesten voldoen.

Meneer bleek ADHD te hebben en zijn medicijnen al jaren niet te slikken, door de schulden. Dit zorgde voor een wervelwind in zijn hoofd en uitte zich regelmatig in (verbale) agressie. Rust en duidelijkheid bleken sleutelwoorden. Na anderhalf jaar hadden ze (vervroegd) alle schulden ingelost door overuren te draaien en alle extra inkomsten, zoals vakantiegeld, in te zetten voor het aflossen van de achterstanden. De enige juiste optie bleek het spelletje rustig mee te spelen, me vooral niet te ergeren, en eruit te halen wat erin zat. Het resultaat: we wonnen samen.